Onze taal verandert de laatste jaren sneller dan ooit. We schrijven opeens voornamelijk zonder pen. We lezen zonder papier. Korte berichtjes die tot voor kort mondeling uitgewisseld werden, worden nu getypt op een smartphone. Verder is het aantal boodschappen dat iemand bereikt, de afgelopen 25 jaar geëxplodeerd. De schattingen variëren van 50 keer zoveel tot 200 keer zoveel boodschappen ten opzichte van 25 jaar geleden. Daarmee is ook de evolutie van taal in een versnelling gekomen.

Lezen wordt steeds meer kijken!
Kranten, tijdschriften, folders, advertenties, webtekst, e-mail en berichtjes worden eerst gescand. Dat gaat steeds sneller en heel anders dan het lezen van een boek. Waar we bij een boek doorgaans vooraan beginnen en keurig op volgorde van boven naar beneden en van links naar rechts lezen, is dat bij de meeste media helemaal niet het geval. Voordat je iets leest, bekijk je eerst het geheel, het beeld van je tekst. Kijken komt dus voor het lezen. Verder is wetenschappelijk bewezen dat kijkgedrag effect heeft op leesgedrag.

Wat bepaalt het beeld van je tekst?
Het beeld van je tekst wordt bepaald door:

  • de lengte en de breedte van een tekstblok
  • afbeeldingen
  • tussenkopjes
  • lettertype en tekstkleur
  • het gebruik van opsommingen.


Lengte en breedte van de tekstblokken

Een lezer maakt bij het bekijken van tekst onbewust een inschatting van de hoeveelheid energie en tijd die het lezen gaat kosten. Het lezen van een lang tekstblok kost meer energie dan een kort tekstblok. Verder is een breed tekstblok lastiger leesbaar dan een smal tekstblok. Dat geldt voor zowel papier als het beeldscherm. Dus kolommen, brede witmarges en andere witruimte maken dat een tekst er gemakkelijk leesbaar uitziet. Het lezen van tekst op een scherm kost sowieso extra energie; daarom mogen tekstblokken van een webtekst niet zo lang zijn als tekstblokken op papier.

Gebruik van tussenkopjes
Door boven elk stukje tekst een tussenkopje te plaatsen stel je de lezer in de gelegenheid de tekst te scannen, dus diagonaal te lezen. Korte, wervende tussenkopjes zorgen voor een tekst die aanzienlijk beter leesbaar is dan een tekst die bestaat uit alinea’s zonder tussenkopjes. Lettertype Kies op je website consistent voor hetzelfde lettertype en op elke pagina voor dezelfde lettergrootte. Onderzoek wijst uit dat de fonts Calibri, Arial, Verdana en Tahoma het makkelijkst lezen vanaf een scherm.

Kleur van tekst
Tekstblokken worden het gemakkelijkst gelezen als de achtergrond licht is en de tekst zelf donker (zwart, donkergrijs of donkerblauw). Koppen kun je gerust in een kleur zetten. Elke kleur die opvalt, is goed. Gebruik wel steeds consequent één kleur voor de koppen.

Opsommingen
De ogen van een lezer gaan heel snel naar opsommingen omdat die de essentie van de inhoud suggereren. Gebruik opsommingen en houd je aan de volgende
tips:

  • Een opsomming trekt extra aandacht.
  • Gebruik ze als een compacte samenvatting.
  • Zet er bullets of streepjes voor.
  • Beperk het lijstje tot drie à vijf punten.
  • Houd elke zin op één regel.


Woordbeelden

Er zijn aanwijzingen dat mensen steeds meer woorden als ‘afbeeldingen’ gebruiken om snel een indruk van een tekst te krijgen. Bij het bekijken van tekst herkennen we woordbeelden. Het fenomeen woordbeeld laat zich het makkelijkst uitleggen door het te vergelijken met de manier waarop een kind van vier of vijf jaar oud, dat nog niet kan lezen, probeert te lezen. Het kind herkent de woorden papa, mama, opa, oma en zijn eigen voornaam als een beeld. Het kind kan deze woorden zelf ook schrijven, maar dat is eigenlijk tekenen. Woordbeelden herkennen is dus iets anders dan lezen of schrijven.

Woordbeelden

Woordbeelden

Woordbeelden herkennen
De meeste mensen herkennen honderden woorden zonder deze echt te lezen en krijgen zo snel een indruk van de inhoud van een tekst. Er moeten dan natuurlijk wel woorden in die tekst staan die opgeslagen woordbeelden bevatten. Ieder mens heeft uiteraard een andere woordbeeldenschat. De meeste mensen hebben alleen eenvoudige woorden in hun woordbeeldenschat.

Schrijftaal wordt spreektaal
Als gevolg van deze ontwikkelingen wordt de hedendaagse taal eenvoudiger en worden zinnen steeds korter. Verder neemt het gebruik van de gebiedende wijs enorm toe, ultrakorte zinnen zonder onderwerp: ‘lees verder’, ‘bestel nu’, ‘klik hier’, enzovoort. Het onderscheid tussen schrijftaal en spreektaal verdwijnt momenteel in hoog tempo.

Steeds korter
Om teksten op alle devices leesbaar te houden worden alle tekstelementen korter: de boodschappen zelf, de alinea’s, de zinnen en de woorden. De tekstadvertenties in zoekmachines zijn niet te vergelijken met de advertentieteksten die we in traditionele media gebruiken. Advertenties met minder dan 100 tekens zijn een miljardenindustrie geworden. De berichtstromen op Twitter en WhatsApp zorgen voor een snelle gewenning aan korte boodschappen.

Gebiedende wijs rukt op
Zoals hiervoor al is aangegeven, is een van de kortste soort zinnen de zin in de gebiedende wijs. Bij de gebiedende wijs is geen onderwerp nodig en is één woord vaak al voldoende:

  • Doorlopen!
  • Afblijven!
  • Koop nu!
  • Ga naar www.domeinnaam.nl.
  • Lees verder!

De gebiedende wijs bestaat al heel lang, maar werd vroeger veel minder gebruikt in schrijftaal. Het gebruik ervan werd als onbeleefd beschouwd. Bij spellingcorrectie krijg je bij het gebruik van de gebiedende wijs vaak de melding ‘spreektaal’. Met de gebiedende wijs is je boodschap direct duidelijk en
zet je bovendien aan tot interactie. Veel teksten in actiebuttons staan in de gebiedende wijs en vallen daardoor erg op.

Woorden en uitdrukkingen die verdwijnen
Het verdwijnen van schrijftaal heeft als direct gevolg dat een heleboel woorden die al niet meer in de dagelijkse spreektaal gebruikt werden, nu helemaal uit de actieve taal verdwijnen. De hieronder genoemde woorden zullen de komende jaren uit de actieve Nederlandse taal verdwijnen:

aangaande, aanstonds, aanvangen, aanwenden, abusievelijk, achten, additioneel, aldus, alsdan, alsmede, alsook, alvorens, alwaar, anderszins, behoren, behoudens, beogen, bescheiden, bestendigen, betreden, betreffende, bezigen, bijgevolg, blijkens, conform, daarenboven, degeen, derhalve, desgevraagd, desniettegenstaande, dezerzijds, dienaangaande, dientengevolge, doch, doen toekomen, eerst dan, entameren, ertoe strekken, evenwel, evenzeer, evident, exceptioneel, excessief, explicatie, fluctueren, gaarne, geenszins, gelieve, genoegzaam, geraken, geschieden, heden, hetgeen, hieromtrent, hiertoe, impliceren, in beginsel, in duplo, in het navolgende, indien, ingeval, ingevolge, inwilligen, inzake, jegens, krachtens, laatstelijk, mede, met referte aan, middels, mits, mitsdien, nadien, navolgende, nevenstaande, niettegenstaande, niettemin, nimmer, nochtans, ofschoon, omtrent, onder invloed van, onderhavig, ontberen, onthouden, onverwijld, overeenkomstig, overigens, persisteren, pogen, primair, rechtens, reeds, refereren aan, restitutie, sedert, stringent, substantieel, ten behoeve van, ten gevolge van, ten tijde van, ten uitvoer brengen, teneinde, terstond, ter zake van, tevens, tezamen, thans, trachten, uit hoofde van, ultimo, urgent, usance, uwerzijds, vooraleer, voorhanden zijn, voorheen, voormeld, voornemens zijn, voornoemde, voorshands, voorts, vorenstaande, wederom, wijze en zulks.

Kijkvolgorde wordt belangrijker
Als lezen steeds meer kijken wordt, komt er veel meer aandacht voor de manier waarop alle soorten schermen bekeken worden. Wat ziet iemand het eerst? In welke volgorde kijken mensen? Hoe kun je dat beïnvloeden? De antwoorden hierop zijn natuurlijk al heel lang bekend. Het wordt alleen steeds belangrijk om daar ook rekening mee te houden. Je kunt een stukje tekst dus het best beoordelen als je het bekijkt in de vorm waarin je klant het gaat zien. Beoordeel tekst voor een klein scherm dus ook vanaf een klein scherm.

Oneliners in opmars
Een oneliner is een ultrakorte, tot de verbeelding sprekende zin, die de essentie van een verhaal samenvat. In verkoopgesprekken, in marketingcommunicatie, in politieke debatten en in presentaties is het gebruik van oneliners sterk in opmars. Meer is er niet over te zeggen, want:

Waarom een heel verhaal
als je het in één zin kunt
samenvatten?

Gaat dat niet ten koste van de inhoud?
Ja! Het wordt steeds lastiger om inhoudelijke informatie over te brengen. Er is zoveel informatie en vrijwel alle informatie is ook weer terug te vinden via Google. Dat maakt dat de waarde van informatie afneemt. Informatie hoeft niet meer bewaard te worden en kan gemakkelijk later grondiger gelezen worden. Daarnaast heeft ook vervorming tijdens het bekijken een negatieve invloed op het goed overbrengen van de inhoud. De indruk die iemand bij het bekijken krijgt, is mede bepalend voor wat hij of zij daarna inhoudelijk leest. De inhoud wordt dus vervormd door het gevoel dat voorafgaand aan het lezen is ontstaan over de inhoud. Er wordt dan gemakkelijk iets weggelaten en generalisatie ligt op de loer.

Vervorming
Vervorming betekent dat we lezen wat we denken dat er staat. We bedenken wat er staat op basis van ‘voorinformatie’ die we al hadden in de vorm van overtuigingen en attitudes. Dat is doorgaans niet de werkelijkheid. We vervormen de informatie als het ware zodanig, dat deze overeenkomt met onze eigen overtuigingen.

Weglaten
De ontvanger laat in communicatie heel veel weg. Iemand die een krant leest en na tien minuten zegt dat hij deze uit heeft, heeft nog niet eens een deel van een procent van de krant daadwerkelijk gelezen.

Generaliseren
Generaliseren is (soms onterechte) conclusies trekken op basis van één of enkele waarnemingen. Een voorbeeld: iemand leest een artikel en ziet een afbeelding die hij al eerder gezien heeft. Hij weet ook iets over het onderwerp van het eerste kopje dat hij ziet. Dan is de kans groot dat hij de conclusie trekt allang te weten wat er in het artikel staat. Waarschijnlijk is dat nog juist ook. Maar er zijn natuurlijk altijd gevallen waarbij de voorinformatie helemaal niet klopt met de inhoud.

Formele documenten gaan naar B1-niveau
De Raad van Europa heeft een meetlat – het Common European Framework – gemaakt om het taalniveau van mensen en teksten te meten: taalniveau A1 is het laagste niveau en taalniveau C2 het hoogste. Veel teksten van bedrijven en overheden werden tot voor kort geschreven op C1-niveau, net als bijsluiters, hypotheekvoorwaarden, formulieren en documenten. Dit taalniveau wordt echter steeds meer als onnodig ingewikkeld en onbegrijpelijk ervaren. Slechts 40% van de Nederlandse bevolking is in staat teksten op C1-niveau goed te begrijpen. Teksten op taalniveau B1 kan bijna iedereen begrijpen, ook mensen met een lagere opleiding en mensen die voor hun werk niet vaak hoeven te lezen. Steeds meer overheden en bedrijven trainen hun medewerkers daarom om teksten te schrijven op B1-niveau. Je kunt alles op taalniveau B1 schrijven: bijsluiters bij medicijnen, formulieren van de banken en de overheid, juridische teksten en verzekeringsvoorwaarden. Taalniveau B1 komt overeen met de spreektaal van een volwassene. Het is begrijpelijk vanwege de logische opbouw, korte, persoonlijke, actieve zinnen en veelgebruikte woorden. Hoger opgeleiden lezen overigens ook graag op taalniveau B1, want een tekst op B1-niveau leest gemakkelijker en sneller.

Steeds meer Engelse woorden in de Nederlandse taal
De laatste decennia zien we in Nederland ook een steeds sterkere neiging om Nederlandse woorden te vervangen door Engelse. Deze trend is in Nederland sterker dan in Vlaanderen. De volgende woorden zijn tegenwoordig heel normaal in de Nederlandse taal:

babysitter, bodyguard, break, bullshit, commercial, commitment, date, deal, design, feedback, gadget, intensive care, mediation, meeting, multiplechoicevraag, outsourcen, password, reporter, sabbatical, single, talk show.

Voor van het Engels afgeleide werkwoorden als downloaden, updaten en e-mailen bestaan officiële spellingsrichtlijnen. Onderstaande functies zijn inmiddels heel normaal op visitekaartjes:

  • human resource manager
  • payroll assistant
  • chief executive officer
  • chief financial officer.

Dialoogtrainers helpt je met boeken, publicaties en trainingen om optimaal rendement te halen uit je taal

interactiefschrijven-boekOvertuigend & Interactief Schrijven
3e gewijzigde druk, 124 pagina’s
Auteurs: Rob Woelinga en Wim van der Mark
Prijs: € 19,95 Bestellen bij Managementboek


Stel je vraag en binnen 24 uur heb je antwoord